Lage CITO's? Zingen maar!
Hoe hoofd-schouders-knie-en-teen je schoolsucces bepaalt.
Kent u hem nog, het kinderliedje ‘hoofd, schouders, knie en teen’? Het lijkt zo’n onschuldig liedje. Maar eigenlijk is het een 'test' om de schoolrijpheid van een kleine uk te bepalen en zijn schoolsucces te voorspellen. Waar of niet waar?
De HTKS-'test'
U weet dat u bij ‘hoofd-schouders-knie-en-teen’ de verschillende lichaamsdelen aanraakt op het moment dat u deze zingt. Voor sommige mensen is dat al vrij moeilijk, maar denk u nu eens in dat u een tegenovergestelde beweging moet maken op het moment dat u zingt. U raakt dus uw hoofd aan als u ‘teen’ zingt. Dit is best ingewikkeld. U bent immers geneigd om het juiste lichaamsdeel aan te raken, maar u moet deze reactie onderdrukken. En om het nog iets moeilijker te maken, worden uiteindelijk alle 4 de lichaamsdelen met elkaar verwisseld. U moet dan wel heel goed opletten, wil dit lukken. En dat is nu precies wat de HTKS-test (head-toes-knees-shoulders task) meet: of u een reactie kunt onderdrukken, of u de nieuwe regels kunt onthouden en of u uw aandacht erbij kunt houden.
Maar wat heeft dit te maken met schoolsucces?
De ‘head-toes-knees-shoulders task’ meet de zogenaamde executieve functies. Even een hele korte toelichting op deze term. Executieve functies zijn vaardigheden die u nodig heeft om taken uit te voeren en problemen op te lossen. De ontwikkeling van een aantal vaardigheden begint al als u een baby bent van zes maanden. Deze ontwikkeling gaat lange tijd door, maar er zijn periodes waarin de grootste groei plaatsvindt. We onderscheiden elf verschillende vaardigheden. Het werkgeheugen, de inhibitie en de aandacht hangen sterk met elkaar samen en hebben te maken met schoolsucces. Uit onderzoek blijkt dat veranderingen in executieve functies heel belangrijk zijn als het gaat om de cognitieve en sociale ontwikkeling van kleuters. Kleuters met goede executieve functies passen sociaal goed in de groep en cognitief hebben ze zelfs een voorsprong bij rekenen en lezen. Dit verband is er een paar jaar later nog steeds. En dit verband heeft niet altijd te maken met intelligentie.
Een voorbeeld
Als een minder intelligent kind een sterk werkgeheugen heeft, kan dit kind wel goed in staat zijn om informatie vast te houden en om eerder geleerde kennis toe te passen. Maar als een intelligent kind een zwak werkgeheugen heeft, zullen instructies niet lang blijven hangen of lukt het oplossen van een complexere taak niet zelfstandig. En dat kan leiden tot ‘de slimme leerling’ die dit niet laat zien op de Cito toetsen.
Extra hulp
Als de ontwikkeling van executieve functies niet vanzelf gaat, dan heeft een kind hier wat hulp bij nodig. Soms is het genoeg om dit als ouders of als leerkracht samen op te pakken met een kind in de vorm van een soort stappenplan. Maar soms is er meer nodig. U kunt dan denken aan begeleiding van een deskundige, of bijvoorbeeld aan een echte werkgeheugentraining (Cogmed en Jungle Memory zijn werkgeheugentrainingen, BrainGame Brian is een executieve functietraining met game-elementen voor kinderen met cognitieve functieproblemen).
Wellicht hebben niet alle trainingen hetzelfde bewezen wetenschappelijke effect, maar het feit dat u überhaupt al gericht bezig bent met een executieve functie samen met een kind, zal leiden tot ontwikkeling van de executieve functie. En dit zal uiteindelijk ook terug te zien zijn aan het succes op school.
En als u dat al zingend doet, maakt uook meer dopamine aan, waardoor u dingen nog beter onthoudt. Maar dat is muziek voor een andere keer ;)
Meer informatie
Wilt u meer weten over executieve functies? Neem dan contact op met Sarah de Bruijn (06 - 14 00 40 75 of via Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.)